Stel, je bent hovenier en je laat een mooie nieuwe website bouwen. De foto’s van je tuinen komen eindelijk goed uit, de website is snel op je telefoon en je bent er trots op. Een paar weken later valt je op dat het stiller wordt. De aanvragen voor tuinonderhoud, die altijd gewoon binnenkwamen, blijven uit.
Dat voorbeeld is verzonnen, maar het patroon zie ik best vaak. Een website migratie is voor Google namelijk ook een SEO migratie, en daar hoort een vaste aanpak bij. In dit artikel laat ik je die aanpak zien, van de lijst die je vooraf maakt tot de controle in de weken na de livegang, en waar je extra op let als je nieuwe website met AI is gebouwd.
Zo ontstaat een stille telefoon na een mooie nieuwe website
In dit voorbeeld stond de oude pagina over tuinonderhoud al jaren hoog in Google. Op de nieuwe website heeft die pagina een ander adres gekregen, maar niemand heeft het oude adres doorgestuurd. Wie in Google op de oude pagina klikt, krijgt dus een foutmelding, en Google ziet een pagina die niet meer bestaat.
- Oude pagina
- /tuinonderhoud-zwolle/
- Status
- Niet gevonden (404)
- Nieuwe pagina
- /diensten/onderhoud/
- Doorverwijzing
- geen
Het gekke is dat niemand iets fout heeft gedaan aan de voorkant. De website ziet er goed uit en werkt prima voor wie hem rechtstreeks bezoekt. Wat er misging, zit aan de achterkant, in adressen, doorverwijzingen en broncode. En dat zie je pas als je er bewust naar kijkt.
Het goede nieuws is dat je dit vooraf helemaal kunt regelen. Met een lijst van je pagina’s, een redirectkaart en een paar controles neem je je bezoekers gewoon mee naar je nieuwe website.
Wanneer een website migratie ook een SEO migratie is
Niet elke nieuwe website brengt hetzelfde risico met zich mee. Het hangt vooral af van wat er verandert aan je adressen en je broncode, want daar hangt je vindbaarheid in Google aan vast.
| Wat verandert er | Risico voor je bezoekers | Wat je regelt |
|---|---|---|
| Alleen het ontwerp, met dezelfde adressen en content | Klein | Broncode controleren |
| Ander systeem, vaak met nieuwe adressen | Groot | Redirectkaart en een testronde |
| Nieuw domein, elk adres verandert | Groot | Redirects per pagina en de tool Adreswijziging |
| Naar https, of www erbij of eraf, met dezelfde paden | Beperkt | Eén redirectregel voor de hele website |
Verandert alleen het ontwerp, dan blijft het meeste staan en controleer je vooral of je content nog net zo goed in de broncode staat. Stap je over naar een ander systeem, of ga je juist naar WordPress omdat je je content zelf wilt bijhouden, dan krijgen je pagina’s vaak nieuwe adressen. Meer over die keuze lees je bij een WordPress-website laten maken.
De tool Adreswijziging in Search Console gebruik je alleen als je naar een nieuw domein of een nieuw subdomein gaat. Voor een overstap naar https, een wissel tussen www en zonder www, of nieuwe paden binnen hetzelfde domein heb je die tool niet nodig. Daar zijn redirects genoeg.
Waarom een nieuwe website vaak tijdelijk bezoekers kost
Na elke grote verandering moet Google je pagina’s opnieuw bekijken en op hun nieuwe adres in de index zetten. In die periode schommelen je posities, en Google zegt zelf dat dat normaal is. Voor een kleine tot middelgrote website gaat het volgens Google om een paar weken of langer voordat de meeste pagina’s verhuisd zijn, en bij grote websites duurt het nog langer.
Een dip die zich herstelt, is dus geen reden tot paniek. Een val die blijft, is iets anders. Dan zijn er meestal pagina’s verdwenen zonder doorverwijzing, is er content weggevallen die voorheen goed scoorde, of staat er nog een instelling uit de testfase die Google buiten de deur houdt.
Hoeveel van je organisch verkeer je tijdens een migratie op het spel zet, hangt dus vooral af van de voorbereiding. En die begint bij een goede lijst.
Begin met een lijst van al je pagina’s en wat ze opleveren
Voordat je iets verandert, leg je vast hoe je oude website er nu voor staat. Dat noem ik de nulmeting. Zonder die lijst weet je na de livegang niet welke pagina’s je bezoekers brachten, en dus ook niet wat je kwijt bent.
Zo maak je die lijst compleet:
- Al je adressen. Haal ze uit je sitemap en laat je website doorlopen met een crawler zoals Screaming Frog, zodat je ook pagina’s vindt die niet in je menu staan.
- Wat elke pagina oplevert. Noteer per pagina de klikken en vertoningen uit Search Console over de laatste twaalf maanden.
- De zoekwoorden per pagina. Schrijf op voor welke zoekopdrachten elke belangrijke pagina gevonden wordt.
- Aanvragen en verkopen. Zet erbij welke pagina’s tot een aanvraag, telefoontje of bestelling leiden.
- Links van andere websites. Pagina’s waar andere websites naar linken, wil je zeker goed doorsturen.
- Titels en descriptions. Bewaar ze, zodat je kunt zien of ze op de nieuwe website goed zijn overgekomen.
Let op met de export uit Search Console. Die geeft maximaal 1000 rijen, en Google noemt dat zelf een representatieve selectie. Voor een kleine website is dat vaak alles, maar heeft je website meer pagina’s of zoekwoorden, dan mis je een deel. Voor een volledige lijst gebruik je de koppeling met de Search Console-API of de bulkexport naar BigQuery.
Met die lijst heb je meteen een overzicht van waar je zoekmachine optimalisatie nu al voor je werkt, en dat is precies wat je mee wilt nemen.
Een redirectkaart die elke oude pagina een nieuw adres geeft
Uit je lijst maak je een redirectkaart. Dat is een simpele tabel waarin elke oude pagina een nieuw adres krijgt. Zo komen bezoekers die via Google of een oude link binnenkomen gewoon op de goede plek, en geeft Google de waarde van de oude pagina door aan de nieuwe.
| Oude pagina | Nieuwe pagina | Redirect |
|---|---|---|
| /tuinonderhoud-zwolle/ | /diensten/onderhoud/ | 301 |
| /tuinaanleg/ | /diensten/aanleg/ | 301 |
| /bestrating-en-sierbestrating/ | /diensten/bestrating/ | 301 |
| /nieuws-voorjaarsactie/ en /nieuws-najaarsactie/ | /acties/ | 301, samengevoegd |
| /over-ons/ | /over-ons/ | blijft gelijk |
Google raadt een permanente redirect op de server aan, een 301 of een 308. Wat een 301 precies doet, lees je in mijn uitleg over de 301-redirect.
Elke oude pagina hoort bij de nieuwe pagina die er inhoudelijk het best bij past, en dat is bijna nooit je homepage.
Stuur je alles naar de homepage, dan raak je bezoekers kwijt die iets specifieks zochten, en Google kan zo’n doorverwijzing behandelen als een soft 404. Een uitzondering is content die je hebt samengevoegd. Heb je een paar oude pagina’s samengevoegd tot één nieuwe, zoals de twee actiepagina’s in de tabel, dan mogen ze allemaal naar die nieuwe pagina.
Een paar dingen houden de kaart netjes:
- Geen ketens. Laat een oude pagina rechtstreeks naar het eindadres gaan. Google raadt aan een keten kort te houden, het liefst niet meer dan drie stappen.
- Minstens een jaar laten staan. Google noemt dat de minimale termijn, en voor je bezoekers kun je ze het best gewoon altijd laten staan.
- Ook je eigen links bijwerken. Pas de links in je menu, je content en je sitemap aan naar de nieuwe adressen, zodat je niet op je eigen redirects leunt.
Werk je met WordPress, dan regel je dit het makkelijkst met een plugin voor WordPress-redirects, zodat je de hele kaart in één keer kunt invoeren.
Test je nieuwe website voordat bezoekers hem zien
Een nieuwe website bouw je op een testomgeving, en die wil je buiten Google houden. Volgens Google doe je dat met een wachtwoord of met noindex. Een robots.txt die alles blokkeert is daarvoor niet genoeg, want Google kan een geblokkeerd adres toch in de resultaten zetten als er ergens een link naar staat. Combineer een robots.txt-blokkade ook niet met noindex, want die regels kunnen elkaar tegenwerken.
- Testomgeving achter een wachtwoord
- Of op noindex, zonder robots.txt-blokkade erbij
- Hier test je redirects en content
- Wachtwoord eraf
- Noindex eraf
- Robots.txt open voor Google
Op de testomgeving loop je deze punten na:
- Je redirectkaart. Test elke regel uit je lijst en kijk of hij in één stap op het goede adres uitkomt.
- Een volledige crawl. Laat je crawler de testomgeving doorlopen en zoek naar gebroken links en pagina’s die je vergeten bent.
- Titels, descriptions en canonicals. Vergelijk ze met je nulmeting, en kijk of de canonical naar het echte domein wijst en niet naar het testadres.
- Je content. Controleer of je best scorende pagina’s hun teksten, koppen en tussenkoppen hebben behouden.
De bekendste valkuil zit in de laatste stap. Veel testomgevingen staan op noindex of blokkeren alle crawlers, en Google waarschuwt zelf dat je die regels bij de livegang moet weghalen. Zet dat dus als eerste op je lijst voor de dag dat je live gaat. Wil je dieper in deze kant van het vak duiken, dan helpt mijn artikel over technische SEO je verder.
Gebouwd met AI? Kijk dan ook naar je broncode
Steeds meer nieuwe websites worden gebouwd met een AI-tool. Ik ben absoluut niet tegen AI, maar het brengt een paar extra controles met zich mee, en die staan in de meeste migratiechecklists nog niet.
Begin met paginabron bekijken. Klik met de rechtermuisknop op je pagina en lees of je teksten en koppen direct in de broncode staan. Waarom dat zo belangrijk is en hoe je het herkent, leg ik uitgebreid uit in waarom je AI-website niet vindbaar is in Google.
Daarna kijk je naar vier dingen in die broncode:
- Links met een href. Google volgt in de regel alleen links die een echt a-element zijn met een href. Een knop of link met alleen een onclick en geen href kan Google niet betrouwbaar volgen, en dan worden de pagina’s achter je menu slecht gevonden. Een onclick naast een geldige href is geen probleem.
- Title, description en canonical. Die horen per pagina anders te zijn en direct in de broncode te staan, zonder dat er eerst JavaScript nodig is.
- Content voor ai-tools. Uit een meting van Vercel en MERJ eind 2024 bleek dat de crawlers van OpenAI, Anthropic en Perplexity geen JavaScript uitvoerden. Googlebot rendert JavaScript wel, en de AI-overzichten van Google draaien op de gewone Google-index. Een website die zijn content pas in de browser opbouwt, kan dus in Google staan en in ChatGPT ontbreken.
- Eén H1 en één main. Google zegt dat er geen ideaal aantal koppen per pagina bestaat en leunt weinig op de betekenis van HTML-elementen. Meerdere H1’s zijn voor Google dus geen probleem. Eén H1 en één main maken je pagina wel duidelijker voor je lezer, voor screenreaders en voor tools die je pagina moeten begrijpen.
Wil je dit niet allemaal zelf uitzoeken, zet je adres dan in de AI website check.
Benieuwd of ai-tools je website na de livegang ook echt bezoeken? Lees dan hoe je meet of AI je website gebruikt.
Wat mijn eigen migratie naar een maatwerkwebsite liet zien
Mijn eigen website stond als WordPress-website op het domein spixels.nl en is nu svenkersten.nl, een maatwerkwebsite. De oude adressen sturen door naar de nieuwe, en elke wijziging komt eerst op een testomgeving die op noindex staat.
Op 28 oktober 2026 kwam er nog een controle bij. Die kijkt bij elke build of elke pagina precies één H1 en één main heeft, en of de title, de meta description en de canonical in de broncode staan. Klopt dat bij één pagina niet, dan gaat de wijziging niet live.
De eerste keer dat die controle draaide, vond hij twee fouten op de live website:
✗ /contact/: 2 keer <main>, verwacht precies 1
✗ /kennisbank/wat-is-een-domeinnaam/: 2 keer <h1>, verwacht precies 1
De contactpagina had twee keer een main, en een kennisbankartikel had twee H1’s. Geen rampen, en zoals je hierboven las, heeft Google geen moeite met meerdere H1’s. Maar het laat goed zien hoe zoiets erin sluipt, via een sjabloon of een blok dat je ergens hergebruikt, zonder dat iemand het aan de voorkant ziet.
Na het herstel gaf de controle dit:
HTML-structuurcheck: 456 indexeerbare pagina's
Alles in orde: elke pagina heeft één h1, één main, en title, description en canonical in de bron.
Daar zit voor mij de les. Een mens ziet zulke dingen niet bij het doorklikken van een testomgeving, maar een controle bij elke build ziet ze altijd. Bouw je zelf een nieuwe website, of laat je er een bouwen, vraag dan of er zo’n controle in zit.
Je checklist voor de dag dat je live gaat
Op de dag van de livegang loop je deze lijst na, het liefst binnen het eerste uur:
- Wachtwoord en noindex eraf. Controleer op een paar pagina’s in de broncode dat er geen noindex meer staat.
- Robots.txt open. Kijk of je robots.txt Google en de ai-tools die je wilt toelaten niet meer blokkeert.
- Redirects actief. Test de belangrijkste regels uit je redirectkaart op de live website.
- Canonicals op het echte domein. Geen enkele canonical wijst nog naar het testadres.
- Nieuwe sitemap. Zet de sitemap met je nieuwe adressen klaar en dien hem in bij Search Console.
- Search Console geverifieerd. Ga je naar een nieuw domein of subdomein, verifieer dat dan en meld de verhuizing met de tool Adreswijziging.
- Interne links bijgewerkt. Je menu, je footer en je content linken naar de nieuwe adressen.
- Statistieken werken. Je meetcode draait en je ziet je eerste bezoekers binnenkomen.
- Formulieren getest. Stuur zelf een aanvraag in en kijk of die aankomt.
- Belangrijkste pagina’s laten indexeren. Vraag voor je best scorende pagina’s indexering aan via de URL-inspectie.
Hoe dat laatste werkt en wat je verder kunt doen om Google sneller langs te laten komen, lees je in mijn artikel over Google laten indexeren.
Zo houd je de eerste weken na livegang in de gaten
Na de livegang begint het meekijken. Je nulmeting is daarbij je ijkpunt, want daarmee zie je per pagina of de bezoekers terugkomen die je met je SEO hebt opgebouwd.
- Stap 1Dag 1Redirects testen en kijken of de noindex echt weg is
- Stap 2Week 1Pagina-indexering nakijken op 404's
- Stap 3Week 2 tot 4Prestaties vergelijken met dezelfde periode voor de livegang
- Stap 4Maand 2 tot 3Posities per belangrijke pagina naast je nulmeting leggen
Dit zijn de plekken in Search Console waar je op let:
- Pagina-indexering. Daar zie je pagina’s die een 404 gaven. Let op dat dat alleen adressen zijn die Google zelf tegenkwam, en alleen van de afgelopen maand. Je eigen redirectkaart blijft dus je belangrijkste controle.
- Prestaties met Vergelijken. Kies in het datumfilter voor Vergelijken en zet de weken na de livegang naast dezelfde periode ervoor. Zo zie je per pagina en per zoekwoord waar het verkeer terugkomt en waar niet.
- Sitemaps. Kijk of je nieuwe sitemap is verwerkt en hoeveel pagina’s Google daaruit heeft opgepikt.
Zie je na een paar weken bij een belangrijke pagina nog geen herstel, leg die pagina dan naast je nulmeting. Vaak vind je dan een ontbrekende redirect, een stuk content dat is weggevallen of een pagina die Google niet goed kan lezen. Kom je er zelf niet uit, dan kan een SEO specialist met een frisse blik meekijken.
Een website migratie met de juiste voorbereiding levert je meer op dan alleen een mooi nieuw ontwerp, want je houdt je plek in Google en bouwt verder op alles wat je al had. Wil je weten hoe je website er nu voor staat, voordat je aan een nieuwe begint? Doe dan de gratis SEO check.
Wil je liever meteen samen naar je plannen kijken, plan dan een afspraak, dan nemen we je migratie samen door.
Veelgestelde vragen
Een tijdje schommelen is normaal. Google zegt zelf dat je tijdens een verhuizing tijdelijke schommelingen kunt verwachten, terwijl je pagina's opnieuw worden bekeken en op hun nieuwe adres in de index komen. Heeft elke oude pagina een 301-redirect naar de nieuwe pagina, blijft je content staan en kan Google al je links volgen, dan komen je posities in de regel terug. Blijft een duidelijke daling na een paar weken gewoon staan, dan zit er vaak iets technisch achter, zoals ontbrekende redirects of een noindex die is blijven staan.
Daar bestaat geen vaste termijn voor. Google noemt voor een kleine tot middelgrote website een paar weken voordat de meeste pagina's verhuisd zijn, en bij grotere websites duurt het langer. Houd dus rekening met een paar weken of langer. Laat je redirects in elk geval minstens een jaar staan, want zo lang heeft Google nodig om alle signalen over te zetten naar je nieuwe adressen.
Kun je je oude adressen houden, doe dat dan, want dan heb je het minste risico. Veranderen ze toch, geef dan elke oude pagina een 301-redirect naar de nieuwe pagina die er inhoudelijk het best bij past, en stuur niet alles naar je homepage. Google raadt aan die redirects minstens een jaar te laten staan, en voor je bezoekers kun je ze het best gewoon altijd laten staan.
Dat hangt af van wat er in de broncode van je pagina staat. OpenAI gebruikt GPTBot om content te verzamelen voor het trainen van zijn modellen en OAI-SearchBot om websites te tonen in de zoekfunctie van ChatGPT. Uit een meting van Vercel en MERJ eind 2024 bleek dat de crawlers van OpenAI geen JavaScript uitvoerden, en dus alleen lazen wat er direct in de HTML stond. Googlebot rendert JavaScript wel, en de AI-overzichten van Google draaien op de gewone Google-index. Een website die zijn content pas met JavaScript opbouwt, kan dus in Google staan en in ChatGPT toch ontbreken. Kijk via paginabron bekijken of je teksten er direct in staan.